Boomblauwtje

Boomblauwtje, Celastrina argiolus , mannetje

(foto:  Kees van Rijsbergen)

Het Boomblauwtje behoort tot de familie van de kleine pages, vuurvlinders en blauwtjes. De totale voorvleugellengte is rond de drie cm. De vleugels van de mannetjes zijn aan de bovenzijde vrijwel geheel fel lichtblauw met een dun zwart randje aan het uiteinde en een witte franje. De vlinder is goed te herkennen aan de onderzijde van de vleugel, die zilverwit tot lichtblauw is met zwarte stippen. Bij het vrouwtje is op de bovenzijde van de voor- en de achtervleugel een brede zwarte band te zien. De vliegtijd is van medio april tot juni en de tweede generatie van juli tot begin september. Het is een algemene soort, maart komt altijd in lage aantallen voor. Als waardplant dient o.a. hulst, klimop, kardinaalsmuts en vuilboom. Interessant om te melden is dat de rupsen wel vaak geparasiteerd worden door sluipwespen. De vlinder (imago) leeft negen tot 18 dagen.